Per 29 mei 2026 wordt een nieuwe labelklasse toegevoegd aan de bestaande energielabelclassificatie. Dit label is bedoeld voor energieneutrale gebouwen. Op papier lijkt dit een kleine wijziging: er komt “alleen” een labelklasse bij. In de praktijk helpt dit om verwarring rond de huidige A-labels met plusjes te verminderen én maakt het duidelijker wat “energieneutraal” precies betekent. In deze blog leggen wij uit wat er verandert, waar in de praktijk misverstanden kunnen ontstaan en hoe PH Bouwadvies je helpt om de energieprestatie van jouw gebouw goed te onderbouwen.

De wijziging: energielabel A0 als aanduiding voor energieneutraal

Wie een woning of gebouw verkoopt of verhuurt, moet bij overdracht een energielabel kunnen overhandigen. Het label geeft de koper of huurder inzicht in het te verwachten energieverbruik en maakt de energieprestatie van gebouwen onderling vergelijkbaar. Door de jaren heen is de labelindeling meerdere keren aangepast en complexer geworden. Met de komst van strengere rekenmethodieken (onder andere door de BENG-regelgeving) is het label uitgebreider geworden en in de praktijk ook duurder om te laten opstellen. Tegelijkertijd is er een nieuw probleem ontstaan: A-labels met steeds meer plusjes (A++++ en zelfs A+++++) zijn voor veel gebouweigenaren en eindgebruikers onduidelijk en minder eenduidig. Daarom wordt gewerkt aan een uniformere (Europese) indeling van de energielabelklassen. In de tussentijd is besloten om het energieneutrale label een aparte naam te geven: A0.

Wat is een energieneutraal gebouw precies?

In de projecten die wij uitvoeren, merken wij dat er regelmatig onduidelijkheid bestaat over wat een energieneutraal gebouw precies is. Vaak wordt gedacht dat energieneutraal betekent dat er helemaal geen energiekosten zijn. In de praktijk blijkt dit anders te liggen: doorgaans wordt met energieneutraal het energieverbruik van gebouwgebonden installaties bedoeld.

Partijen hanteren verschillende definities voor de term energieneutraal. Voor het energielabel wordt onder energieneutraal verstaan dat al het gebouwgebonden energieverbruik moet worden gedekt door eigen opwekking van energie. Dat betreft de energie voor verwarming, koeling, ventilatie en bij utiliteitsbouw verlichting. Deze onderdelen moeten emissievrij zijn en mogen niet langer worden gevoed door fossiele brandstoffen. Het persoonsgebonden verbruik, zoals dat van de televisie, het koffiezetapparaat en de laptop, wordt hierin niet meegenomen. In de BENG-berekening komt dit neer op: BENG 2 = 0 en BENG 3 = 100

Dit betekent dat een energieneutraal gebouw nog steeds energiekosten kan hebben, afhankelijk van gebruikersgedrag en energietarieven.

Tender-eisen: energieneutraal “plus”

In aanbestedingen komt het vaak voor dat opdrachtgevers verder kijken dan uitsluitend de gebouwgebonden energieprestaties. Zo wordt regelmatig een aanvullende eis geformuleerd, bijvoorbeeld in de vorm van een minimale BENG 2-waarde (bijvoorbeeld –20 kWh/m²).

Met deze extra ambitie wordt beoogd om naast het gebouwgebonden energieverbruik ook (een deel van) het verwachte gebruikersgebonden verbruik te compenseren. Aangezien dit verbruik per gebruiker kan variëren, wordt hiervoor doorgaans gewerkt met een onderbouwde inschatting.

Paris Proof / WEii en de volgende stap (WLC-GWP)

Daarnaast zijn er methodes zoals Paris Proof, waarbij met de WEii-score niet alleen het gebouwgebonden verbruik wordt beschouwd, maar ook (een ingeschat) deel van het gebruikersverbruik.

De volgende stap is nóg breder: naast de CO₂-uitstoot tijdens de gebruiksfase wordt ook gekeken naar de CO₂-uitstoot tijdens productie en realisatie, uitgedrukt in WLC-GWP (Whole Life Cycle – Global Warming Potential). In een van de volgende blogs zullen we dieper ingaan op deze methodes. 

Waar ontstaan in de praktijk problemen?

De komst van energielabel A0 maakt dingen duidelijker, maar zorgt óók voor nieuwe aandachtspunten. In de praktijk zien we met name onderstaande risico’s.

Verwachtingsmanagement richting kopers/huurders

Wanneer “A0” wordt gecommuniceerd als “nul op de energierekening”, kunnen teleurstellingen ontstaan. Een gebouw kan energieneutraal zijn op gebouwgebonden niveau, terwijl bewoners nog steeds energiekosten hebben als gevolg van gebruikersgedrag, huishoudelijke apparaten en bij utiliteitsbouw procesgebonden verbruik.

Interpretatieverschillen tussen partijen

Ontwikkelaars, adviseurs, aannemers, beleggers en eindgebruikers kunnen elk een andere definitie hanteren. Dat leidt regelmatig tot discussies over:

  • welke verbruiken wel of niet meetellen
  • hoeveel opwekking “voldoende” is
  • hoe om te gaan met deelverbruiken en aannames

Ontwerp- en uitvoeringskeuzes onder druk

Een label of ambitie wordt soms pas in een laat stadium definitief vastgelegd. Dan blijkt bijvoorbeeld dat:

  • de benodigde opwekcapaciteit niet haalbaar is
  • installaties onvoldoende op elkaar zijn afgestemd
  • de energetische prestatie in de praktijk niet aansluit bij de verwachting.

Wat PH Bouwadvies voor je kan betekenen

Of je nu een nieuwbouwproject ontwikkelt, een bestaand gebouw verduurzaamt of een utiliteitsgebouw beheert: energielabel A0 vraagt om een goede onderbouwing van de energieprestatie, uitgangspunten en definities.

Wij ondersteunen je onder andere met:

Maatwerkadvies (bestaande woning / nieuwbouwwoning / utiliteit / VvE)

We brengen in kaart welke maatregelen logisch zijn, in welke volgorde ze het beste kunnen worden uitgevoerd en wat het effect is op de energieprestatie, kosten en haalbaarheid.

BENG-advies (woningbouw en utiliteitsbouw – vergunning & uitvoering)

In de ontwerpfase toetsen we of de energieprestatieambitie haalbaar is. In de uitvoeringsfase controleren we of het uiteindelijke resultaat aansluit bij de gekozen uitgangspunten.

Conclusie

Met de introductie van energielabel A0 wordt energieneutraal herkenbaar als een aparte labelaanduiding. Tegelijkertijd verschuift de labelindeling richting een uniformere Europese systematiek en worden de grenswaarden strenger, waardoor een gunstig label lastiger te behalen kan zijn.

In de praktijk ligt het grootste risico vooral in de interpretatie: energieneutraal wordt regelmatig verschillend begrepen (gebouwgebonden versus persoonsgebonden verbruik) en tender- en PvE-eisen sluiten niet altijd aan op de gehanteerde rekenmethodiek. PH Bouwadvies helpt om dit scherp te definiëren, door te rekenen en aantoonbaar te onderbouwen.

Eerder gepubliceerde wet- en regelgeving blogs

Op onze speciale tijdlijnpagina ‘wijzigingen in wet- en regelgeving bouw’ houden we wijzigingen handig bij in een digitale tijdlijn. Klik hier als je automatisch op de hoogte gehouden wil worden bij wijzigingen. Hierdoor kun je eenvoudig zien wanneer welke regel van kracht is. Met behulp van blogs lichten we de wijzigingen toe en geven we aan hoe je hiermee om kunt gaan.

Alle wijzigingen blogs: